Een afwijkende voetstand, zoals overpronatie (te ver naar binnen kantelen) of supinatie (te ver naar buiten kantelen), kan de stand van het onderbeen en daarmee de knie beïnvloeden. Hierdoor ontstaat extra belasting aan de binnen- of buitenzijde van het kniegewricht. Mensen ervaren vaak zeurende of stekende pijn rond de knie, vooral bij lopen, traplopen of langdurig staan. De klachten kunnen geleidelijk ontstaan en zijn soms aan één zijde duidelijker aanwezig.
De podotherapeut onderzoekt het looppatroon en de voetstand en kan met podotherapeutische zolen de stand en afwikkeling van de voet verbeteren, waardoor de belasting op de knie vermindert.
Bij het patellofemoraal pijnsyndroom ontstaan klachten rondom of achter de knieschijf. Dit komt vaak door een verstoorde samenwerking tussen de knieschijf, het bovenbeen en het onderbeen. Een afwijkende voetafwikkeling kan hierbij een belangrijke rol spelen. De pijn treedt vaak op bij traplopen, hurken, opstaan uit zithouding of langdurig zitten met gebogen knieën.
Podotherapie richt zich op het optimaliseren van de voetstand, zodat de trekkrachten op de knie verminderen. Dit gebeurt vaak in samenwerking met fysiotherapie.
Het iliotibiaal bandsyndroom is een overbelastingsklacht waarbij de peesplaat aan de buitenzijde van het bovenbeen geïrriteerd raakt ter hoogte van de knie. Deze klacht komt veel voor bij hardlopers en fietsers. Een afwijkende voetstand of instabiliteit kan de spanning op deze peesplaat vergroten. Klachten uiten zich als scherpe pijn aan de buitenzijde van de knie, die vooral optreedt tijdens belasting.
De podotherapeut kan door middel van zolen de stand en stabiliteit van de voet verbeteren, waardoor de belasting op de knie en de iliotibiale band afneemt.
Bij knieartrose is er sprake van slijtage van het kraakbeen in het kniegewricht. Dit kan leiden tot pijn, stijfheid en verminderde belastbaarheid. Een afwijkende voetstand kan de slijtage aan één zijde van de knie verergeren. Podotherapie richt zich op het beïnvloeden van de belastingslijn door middel van zolen, waardoor de druk in het kniegewricht gunstiger verdeeld kan worden. Dit kan bijdragen aan pijnvermindering en beter functioneren.
Een (functioneel of anatomisch) beenlengteverschil kan leiden tot scheefstand van het bekken en een ongelijke belasting van de knieën. Dit kan klachten veroorzaken aan één of beide knieën. De podotherapeut kan een beenlengteverschil beoordelen en, indien geïndiceerd, een correctie toepassen in de zool om de belasting beter te verdelen.
Overbelasting van de knie kan ontstaan door langdurige of intensieve belasting, vaak in combinatie met een afwijkende voetstand of onvoldoende ondersteuning. Klachten bestaan uit pijn, stijfheid en soms zwelling rond het kniegewricht. Podotherapie richt zich op het verbeteren van de biomechanica vanuit de voet, waardoor de knie minder wordt belast tijdens bewegen.
Bij sporters komen knieklachten regelmatig voor als gevolg van herhaalde belasting, explosieve bewegingen of onvoldoende schokdemping. Een afwijkende voetafwikkeling kan hierbij een belangrijke rol spelen. De podotherapeut analyseert het looppatroon en kan sportzolen aanmeten die de belasting beter verdelen en bijdragen aan blessurepreventie.